| Beknelling bij de dissolver |
| mv#006 Voorkomen van beknellingen bij dissolvers |
| Blootstelling aan oplosmiddelen bij werken met dissolver |
| omb#007 Verminderen van oplosmiddelblootstelling door gebruik te maken van persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM’s) |
| |
| omb#010 Voorkomen of reduceren van oplosmiddelblootstelling door gebruikmaking van randafzuiging en spleetafzuiging |
| |
| omb#012 Voorkomen of reduceren van oplosmiddelblootstelling door ventilatie van werkruimten |
| |
| omb#014 Voorkomen of reduceren van oplosmiddelblootstelling door minimalisering van het open oppervlak boven een kuip of tank |
| |
| omb#015 Voorkomen of reduceren van oplosmiddelblootstelling door (extra) koelmaatregelen |
| |
| omb#016 Verlaging van de concentratie van oplosmiddeldamp bij het mangat/stortgat door afzuigen (extractie) |
| |
| omb#017 Voorkomen of reduceren van oplosmiddelblootstelling door het afdekken van kuipen en tanks |
| |
| omb#021 Voorkomen of reduceren van oplosmiddelblootstelling door wijzigen samenstelling (receptuur) van halffabrikaat/produkt |
| Contact met draaiende delen bij de dissolver |
| mv#035 Voorkomen van contact met draaiende delen van dissolvers |