RI&E Hoofdstuk 3
3 Bepalen van het blootstellingrisico
Op basis van de onder 2.1 en punt 2.2 vastgestelde gegevens kan begonnen worden met een oriënterende kwantitatieve schatting van de blootstellingrisico’s met behulp van de Stoffenmanager verf- en drukinktindustrie. De Stoffenmanager voor de verf- en drukinktindustrie is te vinden op www.stoffenmanagerverfendrukinktindustrie.nl [1]
De uitkomsten van de schatting worden vergeleken met de van toepassing zijnde grenswaarden. Dit wordt gedaan door de zogenaamde blootstellingindex (Risk Characterization Ratio RCR) te berekenen (zie hierna).
Op basis van de kwantitatieve schatting van de blootstelling aan oplosmiddelen en een schatting van de gezondheidsschade wordt een risico groep vastgesteld.
Om de risicobeoordeling uit te voeren is specialistische kennis noodzakelijk en wordt derhalve geadviseerd deze uit te voeren in samenwerking met een interne (veiligheids-) deskundige of een Arbodienst.
Nagenoeg alle oplosmiddelen waarmee rekening gehouden dient te worden staan vermeld in het overzicht grenswaarden oplosmiddelen verf- en drukinktindustrie [2]. Dit overzicht is gebaseerd op bekende publieke en private grenswaarden.
Overigens kan er in het geval dat een oplosmiddel niet voorkomt in het overzicht een beroep worden gedaan op de VVVF. De VVVF heeft namelijk een werkgroep van deskundigen ingesteld die jaarlijks, of vaker indien nodig, het overzicht van oplosmiddelgrenswaarden aanpast. De werkgroep is samengesteld uit afgevaardigden van werknemers- en werkgeverszijde. De werkwijze van de werkgroep is vastgelegd in de procedure “Vaststellen grenswaarden oplosmiddelen voor de verf- en drukinktindustrie”. [3]